|
Wase neerhofdierenrassen
Heeft u interesse om onze Wase neerhofdierenrassen te helpen beschermen? Vraag info via het secretariaat! |
|
Blauw van Sint-Niklaas Het Blauw van Sint-Niklaas heeft zijn oorsprong gevonden in en rond de stad Sint-Niklaas, Het Waasland. Het is ontstaan door mutatie (plotselinge verandering in de erffactoren). De Vlaamse Reus lag aan de basis van zijn ontstaan. Het heeft dus veel gemeen met de grootste van alle konijnenrassen, de Vlaamse Reus. Oorspronkelijk was het “Blauw van Beveren" en het "Blauw van Sint-Niklaas" één en hetzelfde ras. Zo schrijft de heer W. Collier in "La Cuniculture lllustrée" (uitgave 1928) over Le lapin Bleu de Saint-Nicolas a une croupe trés développée, ramassé en forme de mandoline. Vertaald: het Blauw van Sint-Niklaas heeft een goed ontwikkelde achterhand, is gedrongen, en heeft de vorm van een mandoline. Nu is dat veranderd en zijn die twee rassen goed uit elkaar gehouden, wat betreft vorm, grootte, gewicht en kleur. Het Blauw van Beveren zou het eerst ontstaan zijn. Doordat de kwekers in die tijd weinig afwisten van erfelijkheid, en omdat ze die blauwe konijnen wilden behouden (de vellenindustrie had veel interesse voor die mooie blauwe pelzen), deden ze aan vernauwde inteelt, met het gevolg dat ze konijnen kregen met witte vlekken, niet alleen op de kop, maar ook op de wam en op de voorpoten. Bij de kwekers van die blauwe konijnen bestond er een gezegde "Het is een Sint-Niklazenaar”, dat wilde toen zeggen het is een blauw konijn met witte vlekken. In de streek van en rond Sint-Niklaas hebben kwekers dan een konijn willen kweken met een witte bles, vooraan op de kop, zoals wij dat kennen bij de paarden. Dat was zeer moeilijk een dier te kweken met een goed afgetekende bles en als men dan er één had, met min of meer een bles, zal dit wel een toevalsproduct geweest zijn. Gelukkig heeft de Standaardcommissie dat in 1917 veranderd. Van toen af moest het Blauw van Sint-Niklaas egaal van kleur zijn. Het Blauw van Sint-Niklaas werd in die tijd veel gekweekt om zijn vlees, maar vooral de vellenindustrie zag daar brood in, om die zeer mooie vellen. Ook naar Denemarken werden in die tijd vele Blauwe van Sint-Niklaas uitgevoerd, ook voor de vellenindustrie aldaar. Spijtig genoeg is dit mooie ras aan het uitsterven, al vindt men rond de streek van Sint-Niklaas nog enkele zeer bekwame kwekers, die dit ras terug willen brengen waar en hoe het geweest is. De Speciaalclub "Het Belgisch Raskonijn" zal dan ook die mensen blijven steunen en er voor zorgen dat dit mooie ras niet verloren zou gaan. Zij die geïnteresseerd zijn in dit ras, kunnen zich altijd in verbinding stellen met één van de bestuursleden van "Het Belgisch Raskonijn". Armand Vandenbroucke
|
Blauw van Sint-Niklaas
|
|
Van Beveren De Vlaamse reus ligt aan de basis van het ontstaan van de Blauwe Van Beveren. Het is een zeer oud Belgisch ras dat ontstaan in Beveren-Waas. Hoe het juist ontstaan is tast men een beetje in het duister. Volgens oude geschriften zou het Blauw van Beveren en het Blauw van Sint-Niklaas één en hetzelfde ras geweest zijn. Vroeger wist men niets over erfelijkheid en de toenmalige kwekers om deze mooie kleur te behouden waren verplicht inteelt te doen, met het gevolg: witte haren, witte vlekken en zomeer. In 1902 was er reeds een tentoonstelling van Blauwe Van Beveren in Beveren-Waas. Tijdens de eerste Wereldoorlog in 1915 kwamen de eerste Van Beveren in Engeland terecht, waar enthousiaste konijnenfokkers dit ras nog veredeld hebben en nog meer op punt gesteld. Zo mag men zeggen dat het type, en dan spreekt men van het zogenaamde mandoline type, te danken zou zijn aan de fokkunst van de Engelsen. Wat is nu speciaal aan dat mandolinetype? Het is een blauw konijn (best vergelijkbaar met het blauw van een korenbloem). Het is een typische lichaamsbouw dat bij geen enkel ander ras voorkomt. De achterhand is beduidend hoger dan de voorhand. De achterhand is breder en gespierder dan voorhand die wat smaller is. Het is best vergelijkbaar met een doorgesneden peer in lengterichting. Het is erkend in de kleuren blauw, zwart en wit roodoog, met een betrachting om een blauwe oogkleur te verkrijgen. Het gewicht ligt tussen de 3,5 en 4 kg. Het is een konijn dat naast zijn schoonheid ook zeer rendabel is als slachtdier. Het is productief en eist niet meer zorgen dan gelijk welk konijn. Armand Vandenbroucke
|
Van Beveren blauw
Van Beveren zwart
|
|
Waasse kriel De Waasse kriel of in de volksmond ook wel gekend als het “Steens kieksken” kent zijn oorsprong in het Waasland, al is het niet duidelijk waar precies. Wie ons hierover meer info kan bezorgen kan contact nemen met het secretariaat. De uiterlijke kenmerken zijn gelijk aan die van de Belgische kriel, met het verschil dat een Waasse kriel een rozenkam heeft en de Belgische kriel een gewone rechtopstaande kam. Bij kruising van beide rassen bekomt men 50% rozenkammige en 50% enkelkammige dieren. De Waasse kriel is een ras zonder echt moeilijke eigenschappen en is uitermate geschikt voor beginnende liefhebbers. Ze zijn in België erkend in de gekende kleurslagen patrijs en zilverpatrijs, maar ook in zwart, wit, blauw, blauwpatrijs, blauwzilverpatrijs, roodgeschouderd zilverpatrijs, roodgeschouderd blauwzilverpatrijs, witpatrijs, tarwe en zilvertarwe. Ze wegen slechts een goeie 500 gram, hebben mooie afrondingen, een korte rug en sierlijk gevederte met een brede en goed gespreide staart. De hennetjes hebben een weinig opvallende kam tegenover de hanen die een vrij grove kam hebben. De Waasse kriel is zeer vliegkundig en wordt best in volière of in overdekte ren gehouden. Anders riskeert u dat ze de hoogste bomen in de buurt gaan opzoeken om te overnachten, met eventuele ongemakken voor de buren tot gevolg. Loslopende Waasse krielen zijn vrij schuw en zullen zich op slechts enkele meters laten benaderen, en bij enig onheil de vleugels strekken. Op gebied van verzorging stelt de Waasse kriel geen bijzondere eisen. Hun dagelijkse portie graan of legkorrel met een drinkbakje vers water mogen natuurlijk nooit ontbreken. De hennetjes leggen kleine witte eitjes en zijn zeer verwoede broedsters. Ze brengen hun kuikens met de meeste zorg groot zodat deze snel en sterk opgroeien. De Waasse kriel is ongetwijfeld een van de meest bedreigde Belgische krielrassen. Wie het kleine groepje fokkers van dit mooie ras wenst te vervoegen, om het ras van uitsterven te vrijwaren, neemt best contact met het secretariaat. Reginald Deyaert
|
Waasse kriel partijs
|